OpenAI claimt Navier-Stokes, en meteen barst de ruzie los
Op 8 september 2026, om 10:00 GMT volgens de tijdstempel in OpenAI’s eigen nieuwsfeed, publiceerde OpenAI “On the Navier-Stokes Millennium Prize Problem”. De eigen omschrijving in de officiële feed: “We’re sharing an AI-generated solution to the Navier-Stokes Millennium Prize Problem, including a writeup and a formal proof in Lean.” Een door AI gegenereerde oplossing dus, met een uitgeschreven redenering en een formeel bewijs in Lean, een systeem dat wiskundige bewijzen machinaal controleert.
Voor wie niet dagelijks met stromingsleer bezig is: de Navier-Stokes-vergelijkingen beschrijven hoe vloeistoffen en gassen bewegen, van het water in je kraan tot de lucht rond een vliegtuigvleugel. De vraag of hun oplossingen altijd netjes blijven bestaan en glad blijven, dus nergens ontsporen, is een van de zeven millenniumproblemen die het Clay Mathematics Institute op 24 mei 2000 instelde, met 1 miljoen dollar prijzengeld per probleem. Zesentwintig jaar stond die vraag open, en de vergelijkingen zelf dateren al uit de negentiende eeuw. Of dit bewijs standhoudt, weet vandaag niemand: het Clay-instituut hanteert eigen procedures met lange termijnen, en de wiskundige wereld is pas beginnen te lezen. Maar als het standhoudt, heeft een machine in vier dagen gedaan waar generaties wiskundigen hun tanden op stukbeten.
Vier dagen, 2,7 miljoen berichten
Hoe die vier dagen eruitzagen, staat in OpenAI’s writeup, zoals Simon Willison ze op 8 september samenvat: de agents, AI-systemen die zelfstandig doorwerken zonder dat een mens elke stap goedkeurt, begonnen op 1 september en hadden ongeveer 88 uur nodig, goed voor 2,7 miljoen berichten en ruwweg 130 miljard output-tokens, de tekstbrokjes waarin een model zijn werk uitschrijft. Die schaal valt niet uit de lucht: het is exact de onderzoeksversnelling door agents waar OpenAI vorige week zelf cijfers over publiceerde, mogelijk gemaakt door de rekenkrachtwedloop waarin labs voor honderden miljarden aan capaciteit vastleggen. Wie zo’n sprint kan betalen, kan hem blijkbaar ook op een millenniumprobleem richten.
Het eerste nieuws ging niet over wiskunde
Je zou verwachten dat iedereen na zo’n aankondiging over wiskunde praat. Het eerste grote verhaal ging over iets anders. Volgens Willisons reconstructie werkten NYU-wiskundeprofessor Tristan Buckmaster en Anthropic-wiskundige Levent Alpöge al bijna een jaar in stilte aan hetzelfde probleem, met Claude en Codex (vooral GPT-5.6 Sol), en boekten ze hun doorbraak op 15 augustus. OpenAI zou via geruchten van hun vooruitgang gehoord hebben en pas toen zijn eigen poging gestart zijn. TechCrunch tekende op 8 september Buckmasters relaas op.
En dan het detail dat blijft plakken, zoals Willison het relaas weergeeft: OpenAI sloot Alpöge uit als co-auteur, “due to OpenAI’s competitive relationship with his employer”, wegens de concurrentierelatie met zijn werkgever Anthropic. Lees die zin nog eens. Een wiskundige verdwijnt van een wetenschappelijke publicatie, niet om wat hij deed, maar om waar hij werkt.
Buckmaster gaat verder, en let op: dit zijn zijn beschuldigingen, geen vaststaande feiten. Hij zegt dat “information about our progress had been passed to OpenAI”, dat informatie over hun vooruitgang bij OpenAI beland was. En over de snelheid van OpenAI’s sprint:
“It is not the direction one arrives at in a few days by giving a model the problem statement.”
Vrij vertaald: op deze route kom je niet in een paar dagen uit door een model de probleemstelling te geven. Hij vertelt ook dat OpenAI-onderzoeker Sebastien Bubeck hem onder druk zette, eerst met “Why would you ruin your career?” en later met “If you don’t want me to be nice, then I don’t have to be nice.”: als jij niet wil dat ik vriendelijk ben, dan hoef ik dat ook niet te zijn. Al die citaten komen uit Buckmasters relaas bij TechCrunch. OpenAI ontkent de kern daar met klem: “We (the researchers and the agents) did not see any of their work through any means until they released it publicly”, onderzoekers noch agents zagen iets van hun werk vóór de publicatie, en er werd volgens het bedrijf geen specifieke gebruikersdata aangesproken om het probleem op te lossen. Van Bubeck zelf staat er geen reactie tegenover, en Alpöge komt nergens aan het woord. Opvallend genoeg dekt OpenAI zich in de writeup tegelijk wél in, zoals Willison citeert: “While unlikely, we cannot rule out that de-identified data…helped improve our models.” Onwaarschijnlijk, maar niet uit te sluiten dat geanonimiseerde data de modellen hielp, schrijft het bedrijf dus met zoveel woorden.
De verdediging heeft ook een dossier
Toch is het te vroeg om OpenAI als de schurk weg te zetten. Buckmasters relaas is eenzijdig: één kant van een ruzie, verteld door de partij die zich bestolen voelt, en voor de kern ervan, dat informatie doorgespeeld werd, ligt geen bewijs op tafel. Tegenover het verwijt staat bovendien een ongemakkelijk feit: OpenAI zette alles openbaar online, writeup én formeel bewijs, voor iedereen gratis na te lezen. En een Lean-bewijs kan je met een computer machinaal natrekken, stap voor stap, zonder de auteur op zijn woord te geloven. Dat is transparanter dan de wiskundetraditie ooit was, waar een bewijs jarenlang bij een handvol reviewers achter gesloten deuren ligt. Wie vuil spel wil verbergen, kiest zelden het meest controleerbare publicatieformaat dat er bestaat.
Hou daarom twee vragen uit elkaar. De wiskundige vraag, houdt dit bewijs stand en volgt er ooit een prijs, wordt de komende maanden en waarschijnlijk jaren beantwoord door vakmensen en door de machinale controle van het Lean-bewijs. De menselijke vraag is al beantwoord. Op de dag dat een machine mogelijk een millenniumprobleem kraakte, ging het gesprek binnen het uur over wie op de titelpagina mag staan en wie geschrapt werd. De machine deed het wonder; de mensen leverden een geschrapte naam op, en voor de rest een welles-nietes zonder bewijs op tafel. Onthoud dat beeld, want je gaat het vaker zien: hoe groter het werk van de machines, hoe kleiner het gedrag errond kan ogen. Op intelligentie staat blijkbaar geen limiet meer; op klasse wel.
Update 10 september 2026: een dag na deze ruzie haalde OpenAI alignment-pionier en risicodenker Paul Christiano in het bestuur van de OpenAI Foundation.